Nieuws

Goed bekeken

Door Uitgeverij Stedendriehoek BV

Eke Mannink is schrijver & voormalig stadsdichter van Zutphen.
Vanuit het hart van de stad houdt ze wat ze ziet poëtisch tegen het licht.
Want als je goed kijkt, zie je méér.
Iedere week weer.

Benefiet

Mismoedig sjok ik langs de Hema. De hond naast me. Het is een ochtend van huishoudelijk gedoe geweest. En daarna dat krantenbericht. Over de Koerdisch-Irakese vluchteling Omid Nader. Hij woonde een tijd in Zutphen, moest om juridische redenen naar Duitsland. Ik ken Omid niet. Uit het artikel komt een mooi mens naar voren.

Hij leerde zichzelf de udte bespelen, een veelgebruikt snaarinstrument in Arabische muziek. In Zutphen had Omid gebloeid; hij had vrienden en kennissen, hielp in Luxor bij de jazzavonden en schonk koffie voor Buddy to Buddy. In Duitsland zit hij in een AZC zonder privacy. Vergeleken met zijn nieuwe verblijfplaats is het Zutphense equivalent een vijfsterrenhotel, vertelde Jacklyn Araf tegen De Stentor. Araf is cateraar, heeft een vluchtelingachtergrond en vertaalde voor Omid. Hij hielp haar met koken. Nu dus al een paar maanden niet meer. Dat zijn nieuwe AZC is gevestigd in een voormalig opleidingsinstituut van de SS, is een wrang detail.

In wat voor wereld leven we, dat we zo met medemensen omgaan?

Als in een trance beland ik bij de haringkar. Misschien dat de hond me leidde, want Karel - de enige haringboer die ik ken die zelf wars is van Hollandse Nieuwe - staat hoog op haar lijst van favoriete bestemmingen. Hij heeft altijd wel een kop of staart over. Ook vandaag kwispelt mijn zwarte monster bovengemiddeld vrolijk zodra de haringman vooroverbuigt met een bordje waarop twee vissenkoppen liggen. Hap, slik, weg.

Op de onderarm van Karel zie ik sierlijke letters. 'Don't give' lees ik. 'Je mag haar nu niks meer geven,' zeg ik. 'Het staat zelfs op je arm.' Karel komt omhoog met opgetrokken wenkbrauwen. Ik wijs naar zijn tatoeage. 'O, dat?!' roept hij uit. Hij stroopt zijn overhemdsmouw wat verder op. 'Don't give up' lees ik nu. 'En dan heb ik er hier nog één, en hier en hier.' Karel wijst langs zijn lijf. Terwijl ik een haring naar binnen werk, hoor ik het verhaal.

'Ik was bij die tatoozaak in de Laarstraat,' begint de visboer. 'Ik zei ik heb een tekst die erop moet en dat moet vandaag gebeuren, want morgen durf ik het misschien niet meer. Maar ze hadden geen plek. Toen hoorde ik dat er ook een tatoeëerder aan de Waterstraat zat. Ik daarheen. Nou, dat kon om drie uur die middag, maar ik moest wel rekenen op honderd tot honderdtwintig euro. Geeft niet zei ik, het is voor mij en voor het leven. Nou, om vier uur stond ie erop. En wat dacht je? Tachtig euro!' We verkneukelen ons met terugwerkende kracht, Karel en ik. 'Soms word ik wakker in de vroege ochtend,' gaat hij verder, ' en dan zie ik die spreuk. Ik slaap altijd op die arm namelijk. En dan denk ik: Karel, kom op, we gaan dóór.'

En ik denk: ja, we gaan dóór. We gaan naar het benefietconcert voor Omid, dat wordt georganiseerd door zijn vrienden. Komende zaterdagmiddag in het Pakhuys, aan de Berkelkade. U toch ook?

|Doorsturen

Ondernemend nieuws




Laatste nieuws



Meest gelezen


Cartoon van de week



Buienradar