Nieuws

Goed bekeken

Door Uitgeverij Stedendriehoek BV

Eke Mannink, voormalig stadsdichter van Zutphen, bekijkt onze stad vanuit haar schrijfkamer aan het 's Gravenhof. Zij houdt wat ze ziet poëtisch tegen het licht. Zo onderzoekt Eke sprookjes in de Hoven, flessenpost over het Waterkwartier of wanklanken uit de Muziekwijk. Om maar wat te noemen. Haar nieuws ligt op straat. Iedere week weer.

Papier

Over toeval bestaan veel theorieën. Onverklaarbare samenlopen van omstandigheden worden door sommigen aangeduid als voorbestemd. Anderen noemen ze willekeur. Maar laat ik concreet zijn.

Een vriend en ik lieten laatst de stad voor wat ze was. Het was lekker weer. De terrassen zaten vol, op de markt schuifelde men voetje voor voetje, bij Talamini was geen tafeltje meer vrij - opeens hadden we het helemaal gehad met de drukte. We sprongen op onze fietsen, reden naar het natuurgebied rondom Joppe. Daar aangekomen begonnen we een wandeling. 

De vriend is van de rustige soort. Hij beweegt zich kalm en aandachtig door de wereld, altijd uitkijkend naar interessante vogels, minzaam voorbijgangers groetend en met een welwillend oog en oor voor mens en dier van allerlei pluimage.

Maar er was iets. Ik voelde een zekere onrust. Ik vroeg hem of dat klopte, terwijl we een pad langs een watertje insloegen.

'Dat klopt inderdaad,' antwoordde hij. 'Eigenlijk moet ik nog naar de supermarkt.'

Aha. 'Waarom dan?' vroeg ik. 'Heb je geen eten in huis?'

Mijn vriend hield plotseling halt, een vinger in de lucht, verwachtingsvolle blik. 'Een zwarte mees!' fluisterde hij. Ik luisterde. En knikte. Dus zo klonk de zwarte mees. Ik hoopte dat ik zijn fluitje kon opslaan, meestal ontglippen net de cruciale verschillen-in-toontjes mijn geheugen. 'Ik heb wel eten in huis,' kwam hij terug op mijn vraag, 'maar geen wc-papier.'

We liepen verder. Oude knotwilgen en riet in het vizier.

'Wc-papier?' herhaalde ik. 'Dat heeft toch geen haast?'

'Nou, het is wel makkelijk als je het hebt,' zei de vriend. 'Maar geen punt natuurlijk als het niet meer lukt vanmiddag.'

Zo kende ik hem weer. De rust was terug. De zwarte mees zong verder. Een bosje later stonden we stil bij de tonen van een geelgors. 'Hij lijkt best op die mees,' zei ik. Ik zou het nooit leren.

Aan het eind van de wandeling haalde ik mijn wandelkompaan over 'om nog een versnapering te gebruiken in het spoorwegétablissement'. Ik wist dat hij zou zwichten voor deze plechtstatige formulering. Bovendien hadden we allebei wel zin in een wijntje.

Inmiddels had ik een snood plan beraamd, noem het een list. Op het restauranttoilet zou ik speuren naar een beetje papier. Zo'n grootverbruiker mist niet zo snel een rolletje of één - redeneerde ik à la Jantje die pruimen zag hangen. Op de wc werd mijn voornemen tot kleptomanie verijdeld: de uitbater had alle rollen achter slot en grendel geïnstalleerd. Met veel moeite lukte het me een nietig plukje voor eigen gebruik tussen het plastic weg te trekken. Nou zeg. Net goed, zei een diep stemmetje.

Even later liepen vriend en ik het terras af. Het was een mooie wandeling geweest. En een lekker wijntje. We moesten een stuk langs de weg lopen om onze fietsen te bereiken. In de berm stond een camper geparkeerd, zo'n lange witte, die onmogelijk door middeleeuwse Franse straatjes kan maar dat toch vaak probeert. De camper oogde op slot, er waren geen bewoners in de buurt.

Wel lag er een gloednieuwe rol wc-papier voor de deur; nog in de wikkel. Ik bukte me om hem op te rapen. Gaf hem aan mijn vriend. 'Hier,' zei ik tegen hem. 'Die is je toegevallen.'

|Doorsturen

Ondernemend nieuws




Laatste nieuws



Meest gelezen


Cartoon van de week



Buienradar