Sport

Hans uit den Bogaard mist een paar ‘rotzakken’ bij AGOVV

VOORTHUIZEN/APELDOORN – “Ik wil altijd winnen. Als ik verlies, heb ik een rotweekend.” Een teleurgestelde Hans uit den Bogaard liet zijn hart spreken na AGOVV’s 1-0 nederlaag bij VVOP. Voorafgaand aan het onderlinge duel had de directe concurrent uit Voorthuizen een voorsprong van drie punten op Uit den Bogaards ploeg. Na afloop was dat verschil opgelopen tot zes en mochten de kleurloze Blauwen zich gedeeld rode lantaarndrager noemen van de tweede klasse G.

Hans uit den Bogaard valt niet te benijden. AGOVV’s trainer nam afgelopen seizoen met een kampioenschap afscheid van SV Epe. Met het huidige AGOVV staat handhaving bijna gelijk aan het behalen van een titel. Het verlies van afgelopen zaterdag bij VVOP maakte duidelijk dat het een helse klus zal worden om de Blauwen te behouden voor de tweede klasse.

 

Volgens de ‘blauw gekleurde’ wedstrijdverslagen op de clubsite doet AGOVV voetballend zelden onder voor de tegenpartij. Voor dat de Apeldoorners in de ogen van de schrijvers van het eigen mediateam meestal minimaal gelijkwaardig zijn aan de opponenten, lijden ze opvallend veel nederlagen. Voor de zevende keer in negen competitieduels trokken de in het wit aantredende Blauwen zaterdag aan het kortste eind. Het gebeurt simpelweg té vaak om het af te blijven doen als incidenten of een ongelukkige samenloop van omstandigheden.

 

De tegengoal was inderdaad ongelukkig. De inzet van VVOP’s Van Milligen verdween via het bovenbeen van aanvoerder Niels van Geerenstein over de lijn. Schlemielig, absoluut. Het onnodige verlies in Voorthuizen kwam bovenal doordat AGOVV andermaal niet thuis gaf op momenten dat er meer verlangd wordt dan gallery play. “Als je al van dit soort tegenstanders gaat verliezen, dan doen we het niet goed met z’n allen. Ze vinden allemaal dat ze zo goed kunnen voetballen, maar zodra het een tandje hoger moet dan is het te veel gevraagd”, hield de ontevreden coach naderhand het optreden van zijn labiele ploeg tegen het licht.

 

Uit den Bogaard probeert altijd eerlijk te blijven ten opzichte van zichzelf en zijn directe omgeving. “Als je dit laat gebeuren, dan mag je weleens goed in de spiegel kijken. Inclusief de trainer zelf. Ik trek dit mezelf ook aan, ja. Ik ben hier immers verantwoordelijk voor.” De immer positief ingestelde oefenmeester zal zijn eigen spelers nooit publiekelijk afvallen. Intern heeft hij het AGOVV-bestuur en het uit voormalige clubcoryfeeën bestaande ‘technisch hart’ in niet mis te verstane bewoordingen te verstaan gegeven dat hij niet overal genoegen mee neemt. Zo hoeft de onlangs weggestuurde Gino de Zeeuw wat de trainer betreft niet meer terug te komen.

 

Zelf maakten Uit den Bogaard en zijn elftalleider Harrie van Luttikhuizen als spelers ooit de opmars mee van WSV naar de top van het zondagamateurvoetbal. Een vriendenteam, zoals dat zo mooi heet. Evenals de groep aan wie hij momenteel training geeft. Met één wezenlijk verschil. Het toenmalige WSV bezat persoonlijkheden die niet alleen op verjaardagen of tijdens het carnaval in Groenlo presteerden. Jaap Bijsterbosch, Mike Mulder, Marco Boon, Richard Karrenbelt, Marco Wilmink of Nollie Reinders gingen elke wedstrijd tot het gaatje. En desnoods eroverheen…

 

Een paar van dat soort ‘rotzakken’ zou de AGOVV-trainer maar wat graag aan zijn onevenwichtige spelersgroep toevoegen. Bij de huidige generatie voetballers mist Uit den Bogaard vaak de absolute wil om te winnen en de bereidheid er alles voor te doen en te laten om zichzelf te verbeteren. Maar ondanks dat hij moet roeien met de riemen die hij heeft, blijft de positivo pur sang altijd strijdvaardig. Het woord degradatie komt niet voor in zijn vocabulaire. “Ik ben er van overtuigd dat we drie ploegen onder ons gaan houden.”